Aanvullende ontwikkelingsdoelen buitengewoon kleuter- en lager onderwijs type 7 - Muzische vorming

Ontwikkelingsdoelen

1 De leerling maakt kennis met de eigen vormen van artistieke expressie.
2 De leerling ervaart beeldende kunst en staat stil bij het belang van het tactiele en het visuele voor doven.
3 De leerling voelt muziek aan, ervaart en kijkt naar muzikanten en kunstenaars die werken met muziek en reflecteren over hun eigen muziekbeleving en de verschillen met de muziekbeleving van horenden.
4 De leerling kijkt geconcentreerd naar een vertelde tekst en geeft die in gebarentaal, schriftelijk, beeldend of dramatisch weer.
5 De leerling bekijkt en ervaart gebarentaaltheater en gebarentaalpoëzie en uit ervaringen, gevoelens, ideeën en fantasieën in spel.
6 De leerling bekijkt en ervaart films en videokunst met en door doven en uit zichzelf creatief in spel.
7 De leerling reflecteert over de toegankelijkheid van de media voor doven, het eigen mediagebruik en de beeldvorming op doofheid in de media en kan omgaan met ondertiteling op tv.

 

Uitgangspunten

1. Kerngedachten

Voor dit leergebied worden de ontwikkelingsdoelen en eindtermen van het gewoon basisonderwijs overgenomen. Toch werden nog enkele type-eigen doelen voor de leerlingen met een auditieve beperking toegevoegd. Uiteraard zijn deze ook waardevol voor horende kinderen of voor de slechthorende kinderen die in het gewoon onderwijs les volgen.

Deze toegevoegde doelen gaan vooral over de eigen vormen van artistieke expressie, het aangepast gebruik van media bij kunstbeleving, het omzetten van expressie in gebarentaal en de dovencultuur.

2. Domeinen 

2.1  Beeld

De kinderen realiseren de kansen om met de beeldtaal nieuwe beelden te verzinnen, te maken en te vormen. Zij interprete­ren en evalueren deze nieuwe beelden. Zo verwerven ze inzicht in beeldende processen, materialen en technieken. Ze zijn in staat die te toetsen aan kunst, het werk van vormgevers en kunstenaars. Het onderwijs in het domein "beeld" omvat hier de beeldende signalen in hun omgeving en in de kunstzinnige wereld.

2.2 Muziek

De kinderen nemen actief deel aan het maken, het beluisteren, het reageren op en het zelf samenstellen van klanken en geluiden. Hun be­kwaamhe­den op muzikaal gebied zijn sterk afhankelijk van hun mogelijkheden om geluid te beleven. Indien mogelijk experi­menteren zij met klank en geluid en verwerven zo de nodige vaardig­heden. Ze toetsen hun uitingen aan de reële wereld van de muziek: ze beluisteren opnames, volgen een concert, voeren een gesprek met een muzikant en leren instrumen­ten kennen.Het onderwijs in het domein "muziek" onderzoekt het muzikale in de wereld en de muzikale beleving.

2.3 Drama

De kinderen realiseren hun kansen om door ­taal ideeën en gevoelens over te brengen met de expressie van de stem of het gebaar en de bewegingen in reële of verzonnen situaties. Daardoor onderzoeken zij vaardighe­den en technieken om de ideeën en gevoe­lens maximaal te uiten. Zij toetsen hun uitingen aan de reële wereld van drama, toneel, voordracht, film, poppentheater. Het onderwijs in het domein "drama" legt accenten op de wereld van de podium­kunsten en de drama­tische spelvormen.

2.4 Beweging

De kinderen passen de expressieve waarde van dans en beweging toe met hun eigen lichaamstaal en vergelijken haar met de reële wereld van beweging, dans en ballet. Het onderwijs in het domein "beweging" opent de weg naar de wereld van dans en van de lichaamstaal en van beheerst bewegen.

2.5 Media

De kinderen krijgen de kans om audiovisuele boodschappen en signalen te selecteren, te onderscheiden en te overwegen. Zij begrijpen en interpreteren de communicatiemiddelen en hun samenstellingen van beeld en geluid. Zij realiseren de mogelijkheden om zelf met fototoestel, videocamera, microfoon, cassetterecorder te communiceren en te reflecteren over de opname. Het onderwijs in het domein "media" verwijst naar de audiovi­suele bood­schappen in hun omgeving en naar de mediawereld.

2.6 Toegevoegde doelen

De toegevoegde doelen gaan over de eigen vormen van artistieke expressie van Doven. Een ander aandachtspunt is het aangepast gebruik van media bij kunstbeleving en het omzetten van expressie in Gebarentaal. Er wordt ook aandacht besteed aan de Dovencultuur in zijn totaliteit.

 

Ontwikkelingsdoelen

Het buitengewoon onderwijs laat de leerlingen geen gemeenschappelijk leerprogramma doorlopen, maar zorgt voor een geïndividualiseerd curriculum dat aangepast is aan de noden en de mogelijkheden van elke leerling. Daarom selecteert het schoolteam de ontwikkelingsdoelen die het voor een bepaalde leerling of leerlingengroep wil nastreven. Deze selectie is een fase in de handelingsplanning.

Schoolteams kunnen ontwikkelingsdoelen selecteren uit:

  • de ontwikkelingsdoelen die voor een bepaald onderwijstype of een bepaalde opleidingsvorm zijn vastgelegd;
  • de eindtermen of ontwikkelingsdoelen van het gewoon basisonderwijs of het gewoon secundair onderwijs;
  • de ontwikkelingsdoelen die voor andere onderwijstypes of een andere opleidingsvorm zijn vastgelegd.

Doelenselectie

De doelenselectie wordt vastgelegd in het handelingsplan. Het handelingsplan vermeldt ook hoe het multidisciplinair teamwerk wordt gepland en hoe de sociale, psychologische, orthopedagogische, medische en paramedische hulpverlening in het opvoedings- en onderwijsaanbod wordt geïntegreerd. Het handelingsplan wordt opgemaakt door de klassenraad, in samenspraak met het CLB en indien mogelijk met de ouders.

Besluit Vlaamse regering

De ontwikkelingsdoelen werden vastgelegd bij besluit van de Vlaamse regering tot bepaling van de ontwikkelingsdoelen voor het buitengewoon basisonderwijs type 8 van 27.04.2003.